OPAT (Outpatient Parenteral Antimicrobial Therapy)

OPAT is het parenteraal toedienen van antimicrobiële middelen aan patiënten in thuishospitalisatie. 
Het OPAT-draaiboek omvat de afspraken rond de aanvraag, voorbereiding, ontslag, zorgverlening, opvolging en communicatie voor een OPAT-traject in ZAS.

Minimale vereisten voor OPAT

  • Intraveneuze behandeling met een antimicrobieel middel:
    • in monotherapie
    • ≤ 3 toedieningen per behandeldag
    • ≥ 5 behandeldagen
    • van bepaalde duur
    • terugbetaald in OPAT
  • Geen oraal alternatief beschikbaar
  • Gerichte therapie (cultuur en antibiogram gekend)
  • Duidelijke infectieuze focus/diagnose
  • Gunstige klinische en biochemische evolutie van de infectie:
    • patiënt ≥ 48u koortsvrij
    • infectie-laboparameters afgenomen
  • Via een geschikte katheter: PICC, Midline, PAC
  • De eerste 2 dosissen moeten in het (dag)ziekenhuis worden toegediend
  • Patiënt is voldoende zelfredzaam of heeft voldoende omkadering, is cognitief en psychosociaal capabel en geen geneesmiddel-, alcohol-, of drugsmisbruik
  • De leefomgeving is adequaat voor OPAT: zuiver, stofvrij, beperkte aanwezigheid van huisdieren, correct bewaren van de geneesmiddelen en materialen mogelijk (o.a. koelkast)
  • Informed Consent van de patiënt

OPAT-aanvraag

De aanvragende arts dient minimaal 3 werkdagen voor de gewenste ontslagdatum een aanvraag voor een OPAT-traject in via het OPAT-aanvraagformulier naar opat@zas.be. 

OPAT-team

Een multidisciplinair team, bestaande uit een infectioloog, microbioloog en ziekenhuisapotheker, evalueren de OPAT-aanvraag en geven een advies via HiX.
Een OPAT-traject wordt enkel toegestaan na een positief advies van het OPAT-team. 

De OPAT-coördinator staat in voor de globale coördinatie van het OPAT-traject en fungeert binnen de kantooruren als eerste aanspreekpunt, zowel binnen als buiten het ziekenhuis.

Andere betrokken zorgverleners

Het OPAT-team werkt nauw samen met de behandelende arts, de verpleegkundigen van de afdeling waar de patiënt verblijft en de sociale dienst.
Voor het plaatsen van de intraveneuze katheter zijn de arts-anesthesisten of arts-vaatchirurgen betrokken.

De huisarts wordt steeds ingelicht.
De thuiszorgorganisatie staat in voor de dagelijkse zorgverlening en opvolging van de patiënt in thuishospitalisatie.
Indien zich problemen of complicaties voordoen, dient de complicatieflowchart gevolgd te worden.

Katheterbeleid

De keuze voor het type katheter hangt af van een hele reeks criteria.
Raadpleeg hiervoor het OPAT-katheterbeleid.

Geneesmiddelen en materiaal

De geneesmiddelen en materialen noodzakelijk voor de toediening worden afgeleverd door de ziekenhuisapotheek.

Contactgegevens

Bij vragen kan contact worden opgenomen met de OPAT-coördinator: